Wat is passend onderwijs?
Alle kinderen verdienen een zo passend mogelijke plek in het onderwijs. Onderwijs dat leerlingen uitdaagt, dat uitgaat van hun mogelijkheden en rekening houdt met hun beperkingen. Kinderen gaan, als het kan, naar het regulier onderwijs. Zo worden ze zo goed mogelijk voorbereid op een vervolgopleiding en op een plek in de samenleving. Als leerlingen ondersteuning nodig hebben, wordt dat georganiseerd, als het even kan op de reguliere basisschool. Bijvoorbeeld extra begeleiding of aangepast lesmateriaal.
Als onderwijs op een speciale (basis) school nodig is, is dat ook mogelijk.

Wat is een samenwerkingsverband?
Om elk kind een passende onderwijsplek te bieden, werken scholen samen in regionale samenwerkingsverbanden. Het samenwerkingsverband maakt onder meer afspraken over welke begeleiding de reguliere scholen bieden (opgenomen in de schoolondersteuningsprofielen, het zogenaamde SOP), welke kinderen een plek kunnen krijgen in speciaal (basis) onderwijs en over de verdeling van de ondersteuningsmiddelen. Het samenwerkingsverband stemt de plannen af met de gemeenten in de regio.
Alle scholen voor regulier en speciaal (basis) onderwijs (met uitzondering van instellingen cluster 1 en 2) maken deel uit van een samenwerkingsverband. Dat samenwerkingsverband ontvangt vrijwel al het geld voor de ondersteuning in het onderwijs. Zij hebben vastgelegd in het ondersteuningsplan hoe ze het geld voor die extra ondersteuning inzetten.
Het onderwijs aan blinde en slechtziende leerlingen (cluster 1) en aan kinderen met gehoorproblemen of een taalontwikkelingsstoornis (cluster 2) wordt in een landelijk sy